Bij straight pool is elke bal die je aangezegd en legaal pot één punt waard. Na veertien gepotte ballen worden die opnieuw opgezet en speel je door. Wie als eerste het afgesproken aantal punten haalt, wint.
Het principe
Je speelt met vijftien ballen en de nummers doen er niet toe. Voor elke stoot zeg je aan welke bal in welke pocket gaat. Valt die bal, dan krijg je een punt en speel je door. Mis je, dan is de tegenstander aan de beurt. Een wedstrijd gaat tot een vooraf afgesproken aantal punten. Bij toernooien is dat vaak een driecijferig getal, thuis kun je elk getal afspreken.
Omdat er geen vaste volgorde is, kun je in theorie eindeloos doorgaan. Een reeks gepotte ballen heet een serie, net als bij carambole.
De openingsbreak
De eerste break van een partij is bij straight pool een veiligheidsstoot. Wie de ballen openbreekt, legt ze klaar voor de tegenstander. De regel is daarom streng. De breker moet ofwel een bal aanzeggen en potten, ofwel de speelbal en minstens twee aanspeelballen een band laten raken.
Lukt dat niet, dan kost dat twee strafpunten. De tegenstander kiest dan: de tafel accepteren zoals hij ligt, of de breker opnieuw laten breken.
Het herrack
Hier zit de charme van het spel. Zodra er veertien ballen gepot zijn, blijft de vijftiende bal liggen, net als de speelbal. De veertien ballen worden opnieuw in de driehoek gezet, maar met de punt leeg. Dat is waar de naam 14.1 vandaan komt.
Je probeert nu de laatste bal zo te potten dat de speelbal daarna het nieuwe rack openbreekt. Die laatste bal heet de breakbal. Een goede speler plant het rack zo dat hij een breakbal overhoudt op een handige plek. Daarmee kan een serie over meerdere racks doorlopen.
Ligt de vijftiende bal of de speelbal in de weg van het nieuwe rack, dan gelden aparte regels voor waar die bal naartoe gaat. Die staan in de volledige WPA-regels.
Strafpunten
| Situatie | Straf |
|---|---|
| Gewone fout, zoals speelbal in de pocket of geen band na het raken | 1 punt eraf |
| Mislukte openingsbreak | 2 punten eraf |
| Derde fout op rij | 1 punt voor de fout plus 15 extra strafpunten |
Na drie fouten op rij worden alle vijftien ballen opnieuw opgezet en moet de overtreder opnieuw breken volgens de regels van de openingsbreak. Een score kan door strafpunten onder nul zakken.
Na een fout waarbij de speelbal van tafel of in een pocket gaat, legt de tegenstander de speelbal achter de breaklijn. Dat is anders dan bij 8-ball en 9-ball, waar je hem overal op tafel mag leggen.
Waarom straight pool je beter maakt
- Je leert kleine afstanden spelen. Lange series maak je met korte, zachte stoten.
- Je leert clusters van ballen zien en op tijd openmaken.
- Je oefent vooruitdenken: elke bal is een stap naar de breakbal.
Ook als je vooral 8-ball speelt, is een potje straight pool een goede oefening in positiespel.
One pocket en bank pool
Twee andere puntenspelen kom je minder vaak tegen, maar zijn het kennen waard.
- One pocket: elke speler krijgt één van de twee hoekpockets aan de voetkant. Alleen ballen in jouw pocket tellen. Het is een tactisch spel met veel veiligheidsstoten.
- Bank pool: elke bal moet via een of meer banden in de pocket. Rechtstreeks potten telt niet. Een goed spel om bandstoten te leren.
Van beide spelen zijn de details minder gestandaardiseerd dan bij 8-ball of 9-ball. Spreek vooraf af tot hoeveel ballen je speelt.
Bron: World Pool-Billiard Association (WPA), World Standardized Rules, 14.1 Continuous, wpapool.com. Laatst gecontroleerd september 2026.