Een fout bij snooker kost minimaal 4 en maximaal 7 strafpunten, die naar de tegenstander gaan. De straf is de waarde van de bal on of van de hoogste bal die bij de fout betrokken was, met 4 als minimum. Laat je fout de tegenstander gesnookerd achter, dan krijgt hij een free ball.
Hoe de straf wordt bepaald
Bij een fout kijkt de scheidsrechter naar de bal die on was en naar de ballen die bij de fout betrokken waren, bijvoorbeeld een verkeerde bal die eerst werd geraakt of gepot. De hoogste waarde telt. Is die lager dan 4, dan wordt het 4.
| Situatie | Straf |
|---|---|
| Rood on, je raakt geen enkele bal | 4 |
| Rood on, je raakt eerst de blauwe | 5 |
| Rood on, je raakt eerst de zwarte | 7 |
| Groen on, je pot de wit | 4 |
| Roze on, je raakt eerst de zwarte | 7 |
| Zwart on, je mist de zwarte | 7 |
De meest voorkomende fouten
- De wit raakt geen enkele bal.
- De wit raakt eerst een bal die niet on is.
- Een bal die niet on is, wordt gepot.
- De wit valt in een pocket (in-off).
- Een bal springt van de tafel.
- Je raakt een bal met iets anders dan de pomerans, zoals je hand, mouw of de keu.
- Je stoot met beide voeten van de grond.
- Je stoot voordat alle ballen stilliggen.
- Je speelt een push shot of een sprongstoot (jump shot).
- Je noemt geen kleur als dat nodig was, of speelt een andere kleur dan je noemde.
Na een fout heeft de tegenstander de keuze: zelf verder spelen vanuit de positie zoals die ligt, of jou opnieuw laten spelen.
Free ball
Laat een fout de tegenstander gesnookerd achter, dan roept de scheidsrechter 'free ball'. Gesnookerd betekent hier dat hij geen enkele bal on aan beide zijkanten recht kan raken, omdat er een bal in de weg ligt die niet on is.
- De speler mag elke bal kiezen als vervanger van de bal on.
- Pot hij de gekozen bal, dan krijgt hij de waarde van de bal on. Is rood on, dan is de free ball dus één punt waard.
- Een gepotte free ball die een kleur is, wordt teruggelegd op zijn spot.
- Na een geslaagde free ball met rood on speelt hij daarna een kleur, zoals na een gewone rode.
- De tegenstander achter de free ball snookeren is in principe een fout, met een uitzondering als alleen roze en zwart nog op tafel liggen.
Ook bij een free ball mag de speler de tegenstander in plaats daarvan opnieuw laten spelen.
De miss-regel
De miss-regel moet voorkomen dat een speler expres een bal on mist om er beter van te worden. Mist een speler de bal on, dan beoordeelt de scheidsrechter of hij een goede, echte poging deed om die te raken. Vindt de scheidsrechter van niet, dan roept hij 'foul and a miss'.
- De tegenstander krijgt de strafpunten.
- Hij mag daarnaast vragen om de ballen terug te leggen zoals ze lagen en de overtreder opnieuw te laten spelen.
- Heeft de speler een vrije lijn naar een bal on en mist hij herhaaldelijk, dan kan hij na waarschuwing het frame verliezen.
Het oordeel over een 'goede poging' ligt bij de scheidsrechter. In de praktijk wordt de regel strenger toegepast in het professionele spel dan in clubwedstrijden. De exacte formulering en uitzonderingen staan in de regels van de WPBSA.
Push shot
Een push shot is een stoot waarbij de pomerans nog contact heeft met de wit op het moment dat de wit de andere bal raakt, of waarbij de pomerans de wit meer dan één keer raakt. Dat is een fout. Het speelt vooral als de wit en een andere bal heel dicht bij elkaar liggen. Het reglement kent een uitzondering als de wit de bal op een zeer dunne manier raakt.
Touching ball
Ligt de wit tegen een bal aan die on is of on kan zijn, dan meldt de scheidsrechter een touching ball. De speler moet de wit van die bal wegspelen, zonder die bal te bewegen. Beweegt hij de bal toch, dan is dat een push shot en dus een fout. Is de bal waar de wit tegenaan ligt zelf on, dan krijg je geen straf als je daarna geen andere bal raakt. Is hij niet on, dan moet je na het wegspelen alsnog een bal on raken.
Bronnen: World Professional Billiards and Snooker Association (WPBSA), Official Rules of the Games of Snooker and English Billiards. Laatst gecontroleerd september 2026.